
Jaja, ik koop regelmatig nieuwe knutselspullen. Dat ga ik niet mooier maken dan het is. Knutselspullen kopen en knutselen zijn nu eenmaal twee verschillende hobby’s. Tegelijkertijd merk ik dat we het grootste deel van de tijd helemaal geen nieuwe spullen nodig hebben om te knutselen. Da’s lekker duurzaam en goed voor de portemonnee.
Sterker nog: vaak werkt het juist om te knutselen met wat er al is. Minder afleiding, minder keuzestress en veel meer creativiteit! Knutselen zonder nieuwe spullen betekent dus niet dat je nooit iets koopt (bewaar me). Het betekent vooral dat je zorgt voor een goede basis en daarna leert kijken naar alles wat al in huis rondslingert. Over die basis schreef ik eerder een apart artikel: knutselspullen die ik altijd in huis heb.


Het is heel belangrijk om je als een soort afvalhoarder te gaan gedragen, als je wilt knutselen met spullen die je al in huis hebt. Bewaar (tot milde wanhoop van je eventuele partner) alles wat potentieel te gebruiken is:
Dat zijn bijvoorbeeld:
- lege dozen en stukjes karton
- wc-rollen
- oud papier en enveloppen
- yoghurtbekers, pakken en potjes
- tijdschriften, kranten, folders, kaarten en andere mooie plaatjes
- restjes hout, spijkers, etc…
Wat ik bewust niet altijd doe: vooraf bedenken wat we gaan maken. Dat klinkt misschien handig, maar het haalt hier vaak precies het leuke eruit. Een grote doos laten rondslingeren, in combinatie met een goedgevulde knutselkast doet vaak al genoeg. Die doos wordt ineens een huis. Of, zoals afgelopen weekend, een restaurant, met een menukaart met uitgeknipte plaatjes uit de Allerhande en tafeltjes gemaakt van kartonrestjes. Een hele middag zoet.
Het helpt enorm dat er geen nieuw materiaal is dat ‘zonde’ is als het mislukt. Het hoeft niet iets te worden, het is nooit af. Alles mag veranderen, mislukken en uiteindelijk ook gewoon verdwijnen. Over het nut van dit proces- in plaats van resultaat gerichte werken, schreef ik ook al eens een blogje.

De grote voordelen van knutselen met wat er is:
- kinderen bedenken zelf wat iets kan worden
- ze proberen dingen uit zonder bang te zijn dat het fout gaat
- er wordt niet afgeraffeld richting een eindresultaat, maar gewoon lekker gewerkt.
Kortom: echt creatief bezig zijn. Handen aan het werk, hoofd even uit, uitvinden wat wel en niet werkt. Bovendien kost het over het algemeen geen drol, ook fijn!
Jongere kinderen zijn vaak al tevreden met knippen, scheuren en plakken. Het materiaal zelf is interessant genoeg. Oudere kinderen gaan meer bouwen en combineren. Dan helpt het om af en toe wat grotere dozen, restjes hout en spijkers te verzamelen, om daarmee aan de slag te gaan.