De charme van analoog fotograferen (+ een paar tips om het zelf te proberen)

Laatst ruimde ik mijn werkkamer op en vond een kokertje met een volgeschoten fotorolletje, waarvan ik het bestaan compleet vergeten was. Toen ik twee weken terug ineens een paar uurtjes mijn handen vrij had, omdat de kinderen bij een vriendin waren, fietste ik naar de fotozaak om het te laten ontwikkelen. Dát was ik ondertussen ook weer vergeten, dus toen ik gisteravond een WeTransfer kreeg, was ik wederom blij verrast. Het ontwikkelde rolletje bleek een tijdscapsule naar twee jaar geleden, naar bloeiende magnolia’s, kermis en een vakantie in Oostenrijk. Naar de kindjes, twee jaar jonger dan nu. En naar ons fijne vorige huis rondom een verjaardag, want er hingen slingers.

Hoewel de foto’s ingescand zijn in plaats van afgedrukt, en daardoor net zo digitaal als alle kiekjes uit mijn iPhone, voelen deze foto’s toch dierbaarder. Ze laten zien hoe ik het toen zag. Er is er maar eentje van, want met zo’n duur rolletje ga je niet tien keer klikken tot je het perfecte plaatje hebt. En ze zijn dan ook niet perfect, ze zijn soms een beetje korrelig of overbelicht. En toch vind ik ze prachtig. De sfeer van analoge foto’s is niet na te bootsen met welk Lightroom-filter ook. Dus inmiddels zit er weer een nieuw rolletje in mijn analoge Canon, want ik wil deze zomer ook zo fijn vangen in film, net zoals (blijkbaar) de zomer van 2024.

Tips voor analoog fotograferen

Zelf aan de slag met een analoge camera? Doen! Onze ouders deden niks anders, dus zó spannend is het niet, maar ik heb wel een paar praktische tips voor je om goed beeslagen ten ijs te komen.

Kies een makkelijke camera (dus niet die Agfa Click hierboven)

Kijk, op Instagram en Pinterest zie je mensen (zogenaamd) fotograferen met de meest vintage cutetesy cameraatjes uit 1975, maar ik ben van de praktische school en fotografeer met een relatief moderne Canon EOS 3000 uit 1999. Iets minder aestethic dan een échte vintage camera, maar wel betrouwbaar en voorzien van praktische zaken als automatische en handmatige standen, autofocus (al is die van mij stuk, maar handmatig scherpstellen is toch leuker), verwisselbare lenzen en enigszins ergonomische bediening. Kortom: een fijne oefencamera, die niet heel veel verschilt van een digitale spiegelreflex.

Zo kun je met relatief veel vertrouwen aan de slag en is de kans dat er iets aardigs uitkomt groter dan wanneer je met een Agfa Click II uit 1960 met 120-milimeter-film (duur) op pad gaat en thuiskomt met een rol vol vage witte strepen (been there, done that). Mijn collectie cutesy vintage cameraatjes staan ondertussen gewoon mooi te zijn in een vitrinekastje. Als ze technisch goed in orde zijn kun je ze nog prima gebruiken, maar het vraagt gewoon iets meer kennis en ervaring met fotografie dan de gemiddelde mens heeft.

Hoe kom je dan aan een fijne camera? Lekker googlen! Op Marktplaats vind je tal van analoge camera’s, maar je kunt ook nog steeds naar je plaatselijke fotozaak gaan en vragen of ze ook analoge occasions hebben. Aan een Canon- of een Nikon-spiegelreflex uit de jaren negentig kun je niet echt een miskoop doen, als beginnend fotograaf. Controleer altijd of de sluiter, filmtransport, lichtmeter en het diafragma goed werken, want technische mankementen zijn vaak duurder dan de camera zelf. Kijk daarnaast goed naar de lens en de lichtafdichtingen: schimmel, krassen, waas of vergaan schuim kunnen de beeldkwaliteit of werking beïnvloeden. Kies bij voorkeur een camera met een veelgebruikte lensvatting en vraag de verkoper of de camera recent nog met een rolletje film is getest. Oh, en laat je niet ophitsen: meer dan 75-100 euro betalen is echt overdreven.

Koop goede fotorolletjes

Waar koopt een mens nog fotorolletjes? Nou, op verrassend veel plekken. Wederom bij je lokale fotozaak, doorgaans gerund door fanatieke vakidioten die je maar wat graag van advies voorzien. Maar ook online kun je goed uit de voeten. Fijne instapfilm is de Kodak Gold 200 of Kodak UltraMax 400. Fujifilm maakt ook nog steeds rolletjes, maar op een of andere manier geeft Kodak-film altijd net iets meer sfeer mee aan je foto’s, heb ik ontdekt.

Het getal staat voor de ISO-waarde. De ISO-waarde van een film bepaalt weer hoe lichtgevoelig hij is: hoe hoger de ISO, hoe minder licht je nodig hebt, maar hoe meer korrel zichtbaar wordt. Films met een lage ISO (100-200) geven juist een fijner beeld, maar presteren het best bij voldoende daglicht. Als je veel binnen fotografeert, zou de Kodak UltraMax 400 een betere keuze zijn, maar de 200 komt ook een heel eind.

Ik fotografeer nu zelf met Kodak Portramax 160-film, dat is iets zachter qua contrasten en iets minder korrelig dan de Gold 200, maar het ontloopt elkaar niet veel. Door de lagere ISO-waarde is hij dus ook iets minder lichtgevoelig, maar zoals je aan de foto’s hieronder ziet, lukt die op een zonnige dag ook nog prima binnen. Mijn volgende rolletje wordt weer Kodak Gold 200, want dat is goedkoper.

Fotorolletjes ontwikkelen

Jaaa, rolletje volgeschoten, tijd om hem te ontwikkelen! Ook hiervoor ga ik dus graag naar de fotozaak. Veel fotozaken sturen de rolletjes op naar een lab en laten ze daar ontwikkelen, de tijd dat ze dat zelf deden is voor de meeste wel voorbij. Maar da’s prima, zij regelen dan het opsturen en dan hoef je zelf niet met enveloppen in de weer. De kwaliteit is over het algemeen ook gewoon prima, voor een enthousiaste amateur. Als je geen fotozaak in de buurt hebt, kun je je rolletje inleveren bij de plaatselijke Kruidvat (die sturen het ook op naar een lab). De HEMA deed het ook lang, maar momenteel even niet, las ik. Zelf opsturen naar een fotoservice kan ook, bijvoorbeeld via fotorolletjeontwikkelen.nl of fotowereld.nl.

Je kunt er tegenwoordig bijna overal voor kiezen om te foto’s te laten ontwikkelen en inscannen. Dan krijg je na een paar dagen je analoge foto’s digitaal aangeleverd. Ik vind dat ideaal, want zo kan ik zelf kiezen welke ik af wil laten drukken, in plaats van dat ik de hoofdprijs betaal voor 36 afgedrukte analoge foto’s. Als je wel laat afdrukken, kies dan voor mat in plaats van glans, dan komt je foto mooier uit. Het is wel een prijzige hobby: voor ontwikkelen en scannen van een rolletje van 36 foto’s betaalde ik twee weken terug (juni 2026)17.50 euro.

Snap een beetje hoe het werkt, maar ga vooral proberen

Voordat je met een analoge camera op pad gaat, is het handig om een paar basisprincipes van fotografie te kennen. Zo is de ISO niet iets wat je per foto kunt aanpassen, maar wordt die bepaald door het rolletje dat je gebruikt. Daarnaast is het goed om te begrijpen hoe diafragma, sluitertijd en ISO samen de belichting bepalen. Let ook op het beschikbare licht, vertrouw op de lichtmeter van je camera (of een app) en neem de tijd voor iedere foto. Met maar 24 of 36 opnames op een rolletje ga je vanzelf bewuster fotograferen. En dat maakt het dus juist zo leuk 🙂

Veel plezier!